Gezondheidszorg
Gezondheidszorg is een theoretisch-praktische studierichting in de dubbele finaliteit. De leerlingen ontwikkelen een wetenschappelijk-theoretische basis voor gezondheidsbevordering, psychologie, agogisch handelen, communicatie, toegepaste deontologie, de mens en zijn plaats in de samenleving, en fysiologie en anatomie. Dat alles met oog voor contexten en voorbeelden uit de gezondheids- en welzijnszorg. Vanuit een wetenschappelijk-theoretische basis leren leerlingen als toekomstig verzorgende en zorgkundige vanuit een integrale benadering zorg dragen voor de gezondheidstoestand van de mens en cliënten ondersteunen bij taken van het dagelijks leven.
Vooropleiding
Om te kunnen starten in de derde graad Gezondheidszorg moet je geslaagd zijn in een tweede leerjaar van de tweede graad. De logische vooropleiding is de tweede graad Maatschappij en Welzijn. Als je geslaagd bent in een andere tweede graad doorstroom of dubbele finaliteit, kan je ook instappen. We denken in het bijzonder aan de tweede graad Humane wetenschappen of Maatschappij- en Welzijnswetenschappen.
Wat mag je verwachten?
Basisvorming
Je krijgt wekelijks 17 uur algemene vakken. De vakken van de basisvorming reiken kennis en vaardigheden aan die je kan toepassen in de praktijkvakken.
Vakken van de studierichting
Agogisch handelen
In agogisch handelen leer je onderbouwd vanuit de psychologie, professioneel agogisch handelen met aandacht voor de zorgrelatie.
Je analyseert de ontwikkelingspsychologische domeinen van volwassenen en ouderen. Je legt verbanden tussen de fysieke, cognitieve, morele en socio-emotionele ontwikkeling. Je licht de sociale beïnvloeding en de invloed van groepsprocessen op het sociaal gedrag van mensen toe.
Je leert hoe je via professioneel handelen en activiteiten persoonsgerichte zorg kunt bieden, hoe je het psychosociaal welbevinden en de zelfredzaamheid kan stimuleren. Je leert hoe je cliënten kan ondersteunen en hoe je de omgeving hiervoor stimulerend/compenserend kunt creëren. Je licht hierbij de aandachtspunten toe bij specifieke doelgroepen.
Daarnaast oefen je verder op een aantal beroepsgerichte vaardigheden die belangrijk zijn in het werkveld: observeren, rapporteren, reflecteren, vergaderen, discussiëren en samenwerken. Je oefent verschillende gesprekstechnieken in.
Anatomie en fysiologie
Je legt fysiologische processen van het menselijk lichaam uit en je leert hierbij hoe de betrokken organen opgebouwd zijn en werken. Je leert de werking van de verschillende lichaamsstelsels zoals het hart, bloedvaten, lymfevaten, longen... Ook de specifieke en niet-specifieke afweer komt aan bod.
Professioneel handelen
Je bereidt je stap voor stap voor op stage, werkt aan je professionele identiteit en gaat ook vakoverschrijdend aan de slag met casussen.
Professionele identiteit ontwikkelen:
- Je verkent verschillende zorgcontexten in functie van het ondersteunen van cliënten.
- Je maakt kennis met wetgeving, deontologie en ethiek eigen aan het beroep van zorgkundige.
- Je reflecteert over maatschappelijke en ethische vraagstukken voor de zorgverlening. Aan de hand van concrete casussen licht je de relevante wetgeving voor het uitoefenen van zorgberoepen toe.
- Je leert reflecteren, zowel met betrekking tot stage als in de klascontext. Daarnaast is er ook ruimte voor remediëring.
- Je staat stil bij verder studeren en toekomstige tewerkstelling.
Zorg
Je gaat zorg zowel theoretisch als praktisch benaderen.
- Directe zorg
Je licht de principes van hygiëne, besmetting en infectie(preventie) toe. Je krijgt zicht op de meest voorkomende fysieke en psychische stoornissen. Je leert hoe je handelingen voor de basiszorg kwaliteitsvol en volgens het zorgplan kunt uitvoeren. Daarnaast leer je bijkomende handelingen, met inbegrip van gedelegeerde verpleegkundige handelingen toepassen. Je voert EHBO-technieken uit en leert levensreddend handelen in zorgcontexten.
- Indirecte zorg
Je oefent op huishoudelijke activiteiten en logistieke taken binnen de zorg, via een theoretische en praktische benadering. Dagdagelijkse activiteiten en cliëntenvervoer zijn hier ook een item.
Stages
Tijdens de stages krijg je de gelegenheid de aangeleerde theorie, technieken en vaardigheden toe te passen. Je werkt kwaliteitsvol mee volgens de visie van de concrete voorzieningen. Je bouwt een kwaliteitsvolle, begeleidende relatie op met de doelgroep en leert functioneren in team.
Toekomst
Als je slaagt, behaal je het diploma secundair onderwijs onderwijskwalificatie 4. Hiermee kan je doorstromen naar een professionele bacheloropleiding binnen de gezondheidszorg, denk aan een bachelor Verpleegkunde, Ergotherapie of Toegepaste gezondheidswetenschappen. Maar ook een bachelor Kleuter- Lager of Secundair onderwijs of een gecombineerd studiegebied zoals Pedagogie van het jonge kind zijn logische vervolg opleidingen. Een 7de jaar zoals Persoonsbegeleider, Medisch administratief assistent of Tandartsassistent behoren ook tot de mogelijkheden.
Je behaalt ook de beroepskwalificatie verzorgende en zorgkundige. Je kan hiermee onmiddellijk aan de slag in de gezondheids- en welzijnszorg.
VAKKEN | 5de jaar25-26 | 6de jaar26-27 |
BASISVORMING | ||
Aardrijkskunde | 2 | 0 |
Artistieke Vorming | 1 | 0 |
Economische vorming | 0 | 1 |
Engels | 2 | 2 |
Frans | 2 | 2 |
Geschiedenis | 0 | 2 |
Godsdienst | 2 | 2 |
Lichamelijke opvoeding | 2 | 2 |
Natuurwetenschappen | 1 | 1 |
Nederlands | 3 | 3 |
Wiskunde | 2 | 2 |
VAKKEN VAN DE STUDIERICHTING | ||
Agogisch handelen | 3 | 3 |
Anatomie en fysiologie | 2 | 1 |
Professioneel handelen | 3 | 2 |
Stage | 4 | 7 |
Zorg | 4 | 3 |
TOTAAL | 33 | 33 |